Wereldwijd lijden meer dan 250 miljoen mensen aan diabetes. Uit wetenschappelijk onderzoek is gebleken dat één op de vier diabetespatiënten vroeg of laat te maken krijgt met voetproblemen.

De complicaties van de voetproblemen kunnen ernstige gevolgen hebben voor uw gezondheid. Het is daarom belangrijk om uw voeten regelmatig te laten controleren door de praktijkondersteuner van uw huisarts, diabetesverpleegkundige of podotherapeut.

Welke complicaties kunnen er optreden?  

Neuropathie

Neuropathie is een beschadiging van de zenuwen. Als uw zenuwen beschadigen kan er ongemerkt een verminderd gevoel in uw voeten ontstaan. U voelt bijvoorbeeld niet dat er een steentje in uw schoen zit of dat uw schoen te klein is. Ook kan het zijn dat u de temperatuur van het water niet goed voelt waardoor u in een te heet bad stapt. Hierdoor kunnen ongemerkt wondjes ontstaan die moeilijk genezen.

Verminderde doorbloeding

De doorbloeding van en naar de voeten kan verminderen. Hierdoor ontstaat er een verminderde toevoer van zuurstof en voedingstoffen naar de voeten. De huid gaat sneller kapot en wondjes genezen langzaam of zelfs niet.

Limited joint mobility

De mobiliteit van uw voetgewrichten is beperkt bij limited joint mobility. Als gevolg hiervan kan de stand van de voet veranderen, waardoor er sneller drukplekken ontstaan. Ter hoogte van een drukplek is het risico op een wond groter.

Standsafwijkingen

Als bepaalde zenuwen uitvallen kunnen uw kleine voetspieren minder goed functioneren. De grote onderbeenspieren gaan dan overheersen en dit leidt tot standsveranderingen in de voet. Hierdoor kunnen drukplekken ontstaan.

Infectie

Met diabetes bent u vatbaarder voor infecties, zoals een schimmelinfectie van de huid en/of nagels.

Voetonderzoek door uw podotherapeut

Anamnese: vraaggesprek naar uw medische geschiedenis en specifieke vragen over voetproblemen die voor kunnen komen bij Diabetes Mellitus.

Inspectie: er wordt gelet op de afwijkingen van de nagels en huid, zoals eeltvorming, drukplekken en standsafwijkingen van uw voeten en tenen.

Temperatuur: verschil meten met een infrarood huidthermometer bij beide benen en voeten.

Oppervlakkige sensibiliteit testen: met een 10 gr monofilament om het beschermende gevoel in uw voeten te meten.

Diepe sensibiliteit testen: controleren van trillingen met een 124 Hz stemvork om hiermee de diepe zenuwen te testen die o.a. zorgen voor de stabiliteit tijdens het lopen.

Functieonderzoek: beoordelen of uw voetgewrichten nog voldoende bewegen.

Doorbloeding: via een doppler wordt de bloeddoorstroming in uw voeten beluisterd.

Drukmeting: drukpunten onder uw voeten meten tijdens het lopen.

Schoeninspectie: bekijken of uw schoenen geschikt zijn voor uw voeten.

Sims classificatie en bijbehorend zorgprofiel bepalen.

Opstellen van een behandelplan, zodat voetproblemen in de toekomst worden voorkomen. Vaak wordt er hierbij samen gewerkt met een medisch pedicure of pedicure met specialisatie diabetische voet. De gegevens van het voetonderzoek worden ook terug gekoppeld aan uw hoofdbehandelaar van de diabetes.

ZORG VOOR KWALITEIT